Verandert ICT de weg of de bestemming

april 18, 2014 by  
Filed under artikel

Als Chief scientist op het Ministerie van VROM ben je niet alleen hofnar, je bent ook boomhutbewoner. Mooi uitzicht op al die beweging. Vele interessante en boeiende zaken gingen aan me voorbij. Maar soms ook hele bizarre en verhelderende. Zo bleken in de drie jaar dat ik daar zat drie directies bezig met het schrijven van een kennisnota voor het hele departement. Vanzelfsprekend zonder dat ze dat van elkaar wisten. De Bestuursraad, het hoogste ambtelijke orgaan van een departement in naam, was hun einddoel. Voordat hun teksten daar op tafel verschenen, kon ik ze driemaal afbuigen, richting wildernis. Een ministerie is soms één groot spel.

Eén kennisnota kwam überhaupt niet in mijn boomhut, omdat ik de schrijvers al eerder in verwarring had achtergelaten. Ze hadden een afspraak met mij gemaakt om eens over hun nota te komen spreken. Het was hun niet bekend dat ik Chief Scientist was, er werkten nu eenmaal wel meer mensen op het departement, maar ze wisten wel dat ik directeur van een planbureau was geweest. Ze stelden me de directe vraag wat voor zin het had om planbureaus in leven te houden als departement, ‘als toch alle kennis op het internet is te vinden’.

Ik antwoordde dat je op internet ongelofelijk veel kan vinden en dat die informatiehoeveelheid elke dag nog met factor zoveel toeneemt. Ik vertelde dat je sinds een aantal jaren op internet bijvoorbeeld de regionale bevolkingsprognoses voor het hele landkan vinden. Ik raadde mijn gesprekspartners aan eens naar die prognoses op zoek te gaan en daarna eens te kijken op welke site ze de prognoses hadden gevonden. Met zekerheid kon ik voorspellen dat dat de site van het Planbureau voor Leefomgeving of de site van het CBS zou zijn, de twee onderzoeksinstellingen die verantwoordelijk zijn voor deze prognoses. Internet is dus geen reden om PBL en CBS weg te bezuinigen. Internet zorgt er wel voor dat de onderzoeksgegevens van PBL en CBS beter en directer bereikbaar worden.

Internet schept dus niet uit zichzelf nieuwe data, nieuwe informatie, nieuwe kennis. Internet geeft alle bestaande data, informatie en kennis door. En internet zorgt ervoor dat we vele malen meer data, informatie en kennis tot onze beschikking hebben dan zonder internet het geval zou zijn geweest. In dat licht is het zelfs twijfelachtig of we over information overload kunnen spreken. Door internet is er niet meer informatie, maar er is vooral meer informatie beschikbaar. En dat roept weer een nieuw fenomeen op: omdat zoveel informatie beschikbaar is, krijgen we weer behoefte aan mensen die de informatie voor ons ordenen en het kaf van het koren scheiden. Zo is er niet meer nieuws (wat dat ook mag zijn), maar is er vooral veel meer nieuws beschikbaar. In dat opzicht blijft er veel werk te doen voor redacties die het nieuws voor ons selecteren en rubriceren. De papieren krant zal wel verdwijnen, maar de functie van de redacteur zeker niet.

Het elektronische snelweg (wat een heerlijk ouderwets woord alweer) biedt niet alleen ons de mogelijkheid om veel sneller informatie te verzamelen, het biedt anderen ook grote mogelijkheden om hun informatie met mij te delen. Mijn mailbox loopt snel vol als ik niet permanent bezig ben om mil op te ruimen.

ICT is dus een uitstekend middel om sneller informatie te krijgen en sneller informatie te ontvangen. ICT vergroot ook het bereik van kennisinstellingen, zoals de anekdote uit het ministerie van VROM mooi laat gezien. Dat is allemaal heel belangrijk en ingrijpend, maar de wereld verandert er niet fundamenteel door. Onderzoekers blijven onderzoek doen en ambtenaren blijven elkaar post sturen. De weg verandert, maar niet de eindbestemming.

Ik schreef eerder over het heerlijke voorbeeld van Van Egmond over zijn 17-jarige zoon die via internet op zoek was naar een nieuwe liefde en daarin wonderwel leek te slagen. Het lijkt allemaal heel anders, maar is de liefde nu werkelijk anders dan in Van Egmond’s jeugd? Is de liefde überhaupt in de laatste millennia ook maar een snars veranderd? Ja, het huwelijk is in de laatste decennia veranderd van klank en kleur, maar de liefde is nog altijd diezelfde bron van groot geluk en ongeluk. En om die reden kan literatuur van alle tijden zo universeel zijn. De weg naar de liefde is door internet veranderd, maar de bestemming is onveranderd schoon. De spanning, de klik, de verwachting, het is bij de zoon van Van Egmond niet anders dan in zijn eigen jeugd.

Het ene voorbeeld is met vele andere aan te vullen. Ik wil daarmee niet de betekenis van ICT bagatelliseren, maar wel scherp krijgen wat de werkelijke betekenis van ICT is. Zo wisten wetenschappers enkele decennia geleden het heel zeker: door ICT zou de wereld flat worden en het werk footloose. Omdat er overal verbinding was, zou je overal kunnen werken. Die voorspelling is maar gedeeltelijk uitgekomen. Natuurlijk, je kan tegenwoordig overal op je laptop gaan zitten werken of op je iPad of je smartphone je mail gaan zitten wegwerken. Maar daarmee is het werk nog niet footloose geworden en de wereld nog niet flat. In de ruimtelijke economie hoor je tegenwoordig heel andere, ja zelfs tegenovergestelde verhalen. De wereld is niet flat maar spikey. Steeds meer trekken mensen naar de steden, over de hele wereld. En met de komst van internet lijkt het belang van steden in de laatste decennia alleen maar groter te zijn geworden. Dat komt onderen andere omdat veel goede ideeën ontstaat in het directe contact tussen mensen. Face-to-face contact wordt steeds belangrijker voor innovatie en economische groei. We spreken niet voor niets tegenwoordig over open innovation. En Silicon Valley is het lichtend voorbeeld voor vernieuwing: de plek waar bedrijven die allemaal bij uitstek footloose zijn, zo dicht mogelijk bij elkaar zijn gekropen in een onbetekenend stukje woestijn bij San Francisco.

***

Door ICT verandert dus wel veel, maar niet alles. En daarom is het goed om scherp te krijgen wat de gevolgen van ICT zullen zijn voor de overheidsorganisatie. Die nuance mis ik in veel boeken over het nieuwe werken. De vergelijking met de industriële revolutie (die tot vervelens toe wordt herhaald) vormt vaak het enige bewijs dat door ICT alles zal veranderen. En dat is het vaak het enige bewijs dat het nieuwe werken onvermijdelijk is.

Dat de overheid moet veranderen, onder invloed van ICT spreekt voor zich. Maar hoe de overheid moet veranderen, behoeft toch op zijn minst een antwoord op de volgende drie vragen:

  • Waar is ICT slechts een middel dat het werk wel versnelt (of ingewikkelder maakt), maar niet fundamenteel verandert?
  • Waar verandert ICT het werk van de overheid (wel) fundamenteel?
  • En welke andere maatschappelijke ontwikkelingen vragen om een andere organisatie van de overheid? (Deze laatste vraag parkeer ik even).

Ik geef vijf willekeurige voorbeelden. Het werk op een departement is niet fundamenteel anders als de secretaris-generaal naar alle medewerkers een mopperig mailtje stuurt over de wijze waarop de minister in een bepaalde casus is ‘bediend’. Oké, vroeger kon zo’n brief niet met één druk op de knop worden verstuurd (en had de SG wellicht ook nog even wat langer nagedacht voordat hij die brief had verstuurd). Maar de verhouding tussen SG en ‘lagere’ medewerkers is in beide gevallen niet anders.

Binnen sommige organisaties is er weinig verschil te zien tussen Intranet en Yammer of het gesprek bij de koffieautomaat. (Op het ministerie van VROM werd ooit uitgebreid om het intranet gediscussieerd over de vraag of slippers nu wel of niet waren toegestaan bij extreem warm weer; die vraag leek me overigens niet zo relevant in een organisatie waar kleding geen enkele prioriteit leek te hebben; ook dit kon er nog wel bij.) Aan de andere kant zou ICT een grote rol kunnen vervullen in het vasthouden van kennis binnen de organisatie. Ik zeg met nadruk ‘zou’, omdat het in de praktijk binnen de overheid nog maar spaarzaam lukt om kennis via ICT beschikbaar te maken voor het hele departement. Misschien is nog te veel macht om zo maar met je collega te delen.

Anders ligt het bij de uitvoering van routinetaken, zoals de banken in extreme mate hebben meegemaakt. Maar ook het werk van de Belastingdienst of de Sociale Verzekeringsbank verandert fundamenteel als de ICT eenmaal op orde is. Het werk kan met veel minder mensen worden gedaan. Tegelijkertijd zijn er veel meer mensen nodig om de ICT op orde te houden. Laten uitvoeringsambtenaren zich beter door hun baas sturen dan professionele ICT-ers? Ik weet het antwoord niet meteen, maar de interne verhoudingen zullen ongetwijfeld verschuiven als de inhoud van het werk zo verandert.

Ook de verhouding tussen overheid en burgers lijkt fundamenteel te veranderen door ICT, met name omdat ICT van invloed is op de informatiebalans tussen overheid en burger. De informatieachterstand van burgers neemt snel af door ICT (en ook door de toegenomen mondigheid en het steeds hogere opleidingsniveau van burgers). De veranderde informatiebalans kan terugslaan op de verhoudingen binnen departementen. Waar de ambtelijke ‘werkvloer’ de verbinding aangaat met de omgeving, verandert hun ‘ondergeschikte’ positie ten opzichte van de minister of de wethouder.

Drie zeer verschillende voorbeelden. In het eerste geval lijkt er niets aan de verhoudingen te zijn veranderd, terwijl het laatste voorbeeld aangeeft dat ICT mede kan bijdragen aan fundamenteel andere verhoudingen binnen een departement. Er is dus niet één antwoord op de veranderingen die ICT heeft voor het werken binnen een departement.

ICT noopt tot organisatorische veranderingen, maar ICT biedt zelf ook de mogelijkheden voor dergelijke veranderingen. Ook dat onderscheid kom ik in die blije nieuwe-werken-literatuur nauwelijks tegen. Is de technologische ontwikkeling de reden voor verandering of is de technologische ontwikkeling een kans om te veranderen?

Comments

Tell us what you're thinking...
and oh, if you want a pic to show with your comment, go get a gravatar!