Marathons en ultralopen [gelopen]

september 8, 2018 by  
Filed under artikel, lopen

Hieronder een lijst met alle door mij gelopen marathons en ultralopen sinds 2000, plus de nog geplande lopen.

Rotterdammarathon16 april 200003:49:17Loopgek, pp. 43-46
Rotterdammarathon22 april 200103:37:04
Amsterdammarathon21 oktober 200103:48:36
Rotterdammarathon21 april 200203:27:38
Berlijnmarathon29 september 200203:22:24
Rotterdammarathon13 april 200303:22:03
Leidenmarathon8 juni 200303:53:49
Rotterdammarathon4 april 200403:23:23
Leidenmarathon13 juni 200403:38:04
Berlijnmarathon26 september 200403:17:36
Apeldoornmarathon29 januari 200503:35:23
Texel60 km28 maart 200505:22:02Loopgek, pp. 133-136
Rotterdammarathon10 april 200503:27:22
Leidenmarathon12 juni 200503:28:44
Jungfraumarathon9 september 200605:00:48Loopgek, pp. 119-122
Bunschoten50 km12 mei 200704:18:38Loopgek, pp. 29-31
Bruggemarathon8 juli 200703:27:00
Zeelandmarathon6 oktober 200703:35:53Loopgek, pp. 142-145
Spijkenissemarathon9 december 200703:36:07
Apeldoornmarathon3 februari 200803:40:54
Rotterdammarathon13 april 200803:18:27
Den Haag64.103 m [6-uurs]21 juni 200806:00:00Loopgek, pp. 79-82
Berlijnmarathon28 september 200803:29:32
Spijkenissemarathon7 december 200803:23:32
Apeldoornmarathon1 februari 200903:33:24
Texel60 km13 april 200905:14:01Loopgek, pp.133-136
Amersfoortmarathon14 juni 200904:00:41
Berlijnmarathon20 september 200903:13:56Loopgek, pp. 53-56, 65-70
Apeldoornmarathon21 februari 201003:32:48Loopgek, pp. 22-28
Rotterdammarathon11 april 201003:53:54Loopgek, pp. 47-49
Den Haag65.030 m [6-uurs]19 juni 201006:00:00Loopgek, pp. 83-86
Davos78,5 km [Swiss Alpine]31 juli 201010:20:44Loopgek
New Yorkmarathon7 november 201003:38:55
Rotterdammarathon10 april 201103:52:47
La Roche-en-Ardennemarathon5 juni 201104:32:08
Davosmarathon30 juli 201104:01:43
Berlijnmarathon25 september 201103:37:05
Amsterdammarathon16 oktober 201103:30:24
Rotterdammarathon15 april 201203:38:18
Den Haagmarathon13 januari 201304:33:14zie 1
Rotterdammarathon14 april 201303:44:07zie 2
Leidenmarathon26 mei 201303:47:54
Davos78,0 km [Swiss Alpine]28 juli 201312:45:41zie 3
Rotterdammarathon13 april 201404:12:55
Amersfoortmarathon15 juni 201404:10:23
Rotterdammarathon12 april 201504:26:34
Amsterdammarathon18 oktober 201504:07:04
Rotterdammarathon10 april 201604:04:16
Rotterdammarathon
9 april 201604:41:24

 

1 : Column over de strandmarathon

2 : Interview bij Radio Rijnmond

3 : Verslag in NRC

 

Maarten

augustus 23, 2018 by  
Filed under artikel, lopen

De helft van de (schrijvende) natie was lyrisch over onze ‘held’ Maarten van der Weijden. En de andere helft was cynisch. De gelovigen beschreven elk detail van de lijdensweg langs de Friesche steden. De cynici schimpten dat van een simpele zwemmer een Jezus werd gemaakt die voor het goede doel (kankeronderzoek) tot diep lijden bereid was. Zie zijn verweerde voeten, zie hoe zijn Daisy die als een Piëta onze held verzorgt, als de heldhaftige strijd moet worden gestaakt.

Ik geef toe dat ik tijdens de lijdensweg tot de gelovigen behoorde. Vooral vanaf de laatste dag, toen de brug van Bartlehiem in zicht kwam. En de tocht nog een tijdje op de Dokkumer Ee werd voortgezet. Ik ken het gebied. Ik zeilde er vorig jaar nog. Maar ik ken het gebied vooral op mijn duimpje omdat ik twee keer die vermaledijde Elfstedentocht uitreed. Vier keer langs Bartlehiem. De eerste keer wurmde ik een plas uit mijn schaatspak. En ik ken, op een ander niveau, het lijden. Twee keer 78 km hollen in de bergen met 2600 meter stijgen én dalen. Met tweemaal overgeven. Met maar één doel: uitlopen. Ik geniet nog bijna dagelijks van mijn twee Elfstedentochten en van mijn twee Swiss Alpines in Davos. Dan verlies je al snel elke afstandelijkheid. 

Toch ging het bij Maarten’s lijdensweg in de kern niet om een strijd tussen gelovigen en cynici. Het ging hier om een land dat werd bevestigd in zijn identiteit, het ging hier misschien wel op identiteitspolitiek. Mark Rutte had dat goed door, door in wit overhemd aanwezig te zijn bij de huldiging van de held die het niet had gehaald. Het ging hier om het landmark van onze identiteit bij uitstek, de Elfstedentocht. Het ging hier om onze onbaatzuchtigheid, althans zo zien we onszelf graag. Het ging hier om zwemmen en water en we hebben allemaal leren zwemmen. Al kan ik alleen maar diploma A overleggen omdat ik geen zeven seconden onder water durfde te blijven. Het ging hier om riet en om oude stadjes. Het ging hier om Calvinistisch doorzettingsvermogen. En de Noordelingen vergaten even dat het om een Brabander ging die ons voorgang in onze diepe identiteit. En nergens was een allochtoon te bekennen.  

Hardlopen is een geloof @marisvsprundel

augustus 11, 2018 by  
Filed under artikel, lopen

Hardlopen is een geloof. Ik lees al jaren elke maand Runner’s World, het onvolprezen tijdschrift voor de hardloper. En elke maand lees ik weer een nieuwe theorie. Over training, over voeding, over schoenen. En allemaal willen we deze theorieën geloven, omdat we zo graag harder willen lopen.

Hoe heerlijk nu is het om het boek Alles wat je wilt weten over hardlopen van Mariska van Sprundel te lezen. Mariska is wetenschapsjournalist en, hoe grappig, ook verbonden aan hetzelfde Runner’s World. Ze heeft op een uiterst kundige en amusante wijze al die theorieën eens tegen het licht gehouden. En wat blijkt? De meeste zijn onbewezen. Of gewoon niet waar. 

Bijvoorbeeld: er bestaat geen relatie tussen loopschoenen en de kans op blessures. Al het gepraat over proneren en superproneren mist elke grond. Mariska adviseert: koop gewoon een schoen ‘die je lekker zit’.

Bijvoorbeeld: er is helemaal geen ideale pasfrequentie, ieder mens heeft zijn eigen ideale pasfrequentie. En: het is niet waar dat je meer blessures krijgt met een haklanding. Je krijgt met een voorvoetlanding evenveel blessures, alleen andere. Denk aan die minimalistische schoenen, waardoor je eerder een voorvoetlanding ontwikkelt. Ze geven veel meer problemen met de kuiten. Ik kan het uit eigen ervaring bevestigen. 

Bijvoorbeeld: elk lichaam is geschikt om mee hard te lopen. Ongeacht je VO2-max. Alleen voor de top heb je een bepaald lichaam nodig. En dat is deels trainbaar. Je kan volgens Mariska beter een goede sportbeha kopen dan een dure genetische test. 

Bijvoorbeeld: rekken en compressiekousen: niet bewezen dat ze goed of slecht zijn. Misschien moet ik scherper zijn: er geen effect. Maar ook: waar je je goed bij voelt, dat werkt. Dus blijf lekker rekken als je dat altijd al deed. En loop desnoods met die rare zwarte kousen. 

Bijvoorbeeld: geen enkel bewijs dat je minder blessures krijgt als je op een zachte ondergrond loopt. Dat komt omdat we de stijfheid van onze benen meteen aanpassen aan de ondergrond. Waarmee het gewicht van de schokken van het lopen gelijkt blijft. 

Bijvoorbeeld: bietensap helpt een beetje voor recreanten, maar niet voor de toplopers. Van magnesium zijn de voordelen nooit wetenschappelijk aangetoond. 

Bijvoorbeeld: al dat geloof over eten voor een marathon. Die hele voedingsindustrie en al die sportdrankjes. Wetenschappelijk alleen aangetoond door wetenschappers die zich door de Gatorade lieten betalen. Maar kijk ook uit met dat dagenlang stapelen van koolhydraten. Je lichaam kan maar een beperkt aantal koolhydraten opnemen. Ik merkte het zelf een keer in Berlijn, toen ik dagen had gestapeld, en onderweg drie keer uit de broek moest. 

Bijvoorbeeld: voor afvallen helpt een dieet beter dan bewegen. Ook mijn ervaring. Ik val vooral af door heel weinig te eten en rustig in een hoekje te gaan zitten. Al die beweging leidt maar tot extra honger die je niet kan weerstaan. 

Gelukkig, er blijven nog wel enkele geloofsartikelen overeind.

Bijvoorbeeld: je moet alijd naar je lichaam luisteren. Bij een beginnende blessure meteen gas terugnemen. Maar mijn ervaring is dat je een beginnende blessure er ook uit kan lopen. 

Bijvoorbeeld: na vijf jaar zou je per week niet meer dan 40 km met een snelheid van 10 km/uur mogen lopen. En je eerste halve marathon moet je altijd een paar jaar uitstellen, om over de marathon nog maar niet te spreken. Na drie maanden hardlopen liep ik zelf  mijn eerste halve marathon en binnen een jaar mijn eerste hele. 

Bijvoorbeeld: krachttraining met eigen lichaam en gewichten is beter dan met apparaten. Maar ik vind een sportschool stimulerender dan mijn eigen slaapkamer. 

Wat bewijst dit allemaal. Veel geloof blijkt niet waar of is onbewezen. En wat wel waar is wordt door mij lang niet altijd geloofd. En dat is geen kritiek op het boek van Mariska van Sprundel. Het geeft aan hoe hardnekkig geloof in de hardloopwedstrijd is. 

En dat is ook niet zo heel gek. Mariska concludeert vaak dat iets niet bewezen is, maar dat het tegendeel ook niet bewezen is. Vaak adviseert ze om gewoon te doen waarbij je je lekker voelt. En dat doe ik dan ook maar. 

Dat stemt overeen met één van haar laatste conclusies: zelfregulatie is bij het hardlopen heel belangrijk. Ik herken iets. Nee, ik weet waar mijn echte kracht bij het hardlopen ligt: bij de zelfregulatie. Want hardlopen is vooral het weerstaan van verleidingen. Niet op de bank blijven liggen als je geen zin hebt of als het regent. Straks in Rotterdam of in Berlijn of in New York kan het ook regenen. En het lopen van een marathon is het summum van zelfregulatie. Alleen naar het volgende 5km-punt lopen, nooit denken hoe ver het nog is. Steeds uitrekenen hoeveel sneller je loopt dan 5’/km. In het Kralingse bos altijd focussen op die benzinepomp. Bij Alexanderpolder altijd blij zijn dat je niet meer linksaf hoeft over die steentjes. Altijd je verheugen op die sinaasappelen in Kralingen. Vandaar altijd naar de muziek op de Boezemweg. En zo verder, en zo verder. Want over één ding wordt niet gedacht: over stoppen.

En wie goed is in zelfregulatie weet dus dat hij vooral voor zich zelf moet uitzoeken wat het beste is. 

Er rest mij slechts één vraag. Hoe kan het dat iemand die zo’n mooi en helder en compleet en geweldig boek schrijft, zelf nog steeds geen marathon heeft gelopen. Want zo’n goed boek schrijf je alleen met een hoge dosis zelfregulatie. 

Weer een nieuw dieet: hoe word ik een #supervetverbrander

juli 29, 2018 by  
Filed under artikel, lopen

Over diëten wordt veel geschreven. Het grappige van al die boeken is dat ze de allemaal de waarheid in pacht hebben. En dat ze met liefde alle andere diëten afkraken. Dat laatste is niet zo moeilijk, omdat diëten maar zelden tot succes leiden. Het eerste is soms een beetje storend. 

Ik weet niet waarom ik het boek heb gekocht. Het was een impulskoop. Het lag op de toonbank van een boekhandel. En ik ben al enkele jaren veel te zwaar. En niet alleen in mijn eigen ogen. En ik wil weer een marathon lopen. Bovendien was het boek geschreven door iemand, Maaike de Vries, die in 2017 de Jungfraumarathon heeft gelopen. Helaas vertelt ze niet in welke tijd. Dat zou ik eigenlijk wel weten voordat ik zo’n boek ga lezen. 

Maaike de Vries is gepromoveerd gezondheidswetenschapper. Ze leert ons dat we allemaal supervetverbranders moeten worden. We moeten relatief minder koolhydraten verbranden en relatief meer vetten. Daar gelooft ze heilig in. Ze schrijft enthousiast, ze schrijft goed. Maar ergens begrijp ik haar redenering niet. 

Overigens is het niet zo erg als je de redenering niet begrijpt. Haar adviezen zijn heel wijs en klinken heel vertrouwd. We moeten meer bewegen, we moeten meer ontspannen, we moeten beter slapen en we moeten goed eten. En dat goede eten houdt in: zoveel mogelijk vers en onbewerkt, zo min mogelijk suikers en andere snelle koolhydraten, minder alcohol, we moeten driemaal daags eten en geen tussendoortjes nemen en we moeten altijd de tijd nemen om te eten. 

Ik heb al bij verschillende sportdiëtistes gelopen, en daar heb ik al deze adviezen al heel vaak gehoord. Oh ja, ook nog meer noten en meer vette vis. Zelf zeg ik altijd: als je de banketbakker en de snackbar overslaat, ben je al een aardig eind op weg. 

Wat is het principe? Een mens heeft veel energie nodig, alleen al om zich warm te houden. Energie halen we uit koolhydraten en uit vetten. Als we evenveel koolhydraten en vetten eten als we nodig hebben voor onze energie, blijven we op gewicht. Als we te veel eten, slaan we de overtollige calorieën op in vet. En worden we dikker. Als we dat langdurig doen worden we te dik. En dat laatste is slecht voor de gezondheid. Dit patroon kan je dus doorbreken door óf minder te eten óf meer energie te gebruiken, bijvoorbeeld door meer te bewegen. 

Ons lichaam zou alleen bij een tekort om meer eten moeten vragen. Het nare van het lichaam is, dat het dat niet doet. Als we te weinig slapen, vraagt het lichaam om meer calorieën dan je voor je energie nodig hebt. Dat geldt ook voor stress. Ook suikers zorgen ervoor dat je hongergevoel wordt aangewakkerd, zonder dat daar in feite een goede reden voor is. Dus door een tekort aan slaap, door stress en door de inname van suikers heb je de neiging om meer te eten dan je nodig hebt. En daar word je dus dikker van en op den duur te dik. En daarmee worden je kansen op gezondheidsproblemen groter. Omgekeerd: als je veel water drinkt, druk je je normale hongergevoel weg, zonder in de energiebehoefte te voorzien. Op die manier krijg je minder binnen dan je lichaam eigenlijk nodig heeft.

Maar waarom moeten we van Maaike de Vries nu allemaal supervetverbranders worden? Ten eerste is me niet helemaal duidelijk wat dat voor mensen zijn, behalve dat ze ‘helden’ zijn in het leven van Maaike. Zelfs marathonlopers zijn supervetverbranders als ze in staat zijn op tijd over te schakelen op hun vetverbranding. Maaike vergeet dat ze al hun koolhydraten dan al hebben verbrand. 

Ten tweede begrijp ik niet zo goed waarom ik meer vet zou moeten verbranden als ik al een laag vetpercentage heb. Of spreekt Maaike de Vries alleen de mensen met overgewicht aan? Ja, inderdaad, zíj doen er goed aan om meer eigen vet te verbranden door minder te eten. Als je in een week 6000 tot 7000 calorieën minder eet, val je één kilo af (als je evenveel beweegt als daarvoor). Maar dan is het middel toch niet om meer vet te verbranden, dan is het middel toch gewoon om minder te eten? 

Of bedoelt Maaike de Vries iets heel anders: het verbranden van vet levert meer energie op dan het verbranden van koolhydraten. Daarmee zou vetverbranding efficiënter zijn. Om die reden zou ik meer vetten en minder koolhydraten moeten eten. Nou, ik kan haar vertellen dat ik daarvan bij de marathon nog nooit iets heb gemerkt. Juist als ik steeds meer moet overgaan op vetverbranding, neemt mijn energie af. 

Of bedoelt ze juist het omgekeerde: vetverbranding is juist minder efficiënt dan koolhydraatververbranding? En dat je daarom meer vetten en minder koolhydraten moet eten, zonder uiteindelijk meer te gaan eten. Het lijkt me een erg omslachtige manier van afvallen. 

Mijn tante zei altijd al: “Elk pondje gaat door het mondje”. Gelukkig lijkt Maaike de Vries dit op pag. 103 van haar boek ook te beseffen. Daar schrijft ze onverwachts dat supervetverbranders ook kunnen aankomen als ze te veel eten, beter gezegd: “als ze meer binnenkrijgen dan ze nodig hebben”. Dus niet de vetverbranding zorgt voor gewichtsverlies maar minder eten. 

Voorlopig eet ik de komende maanden driemaal daags, eet ik geen tussendoortjes, sla ik de snackbar en de banketbakker over en ga ik meer bewegen. En slapen doe ik altijd wel goed. 

 

Maaike de Vries, Hoe word ik een supervetverbrander; slanker, fitter en strakker binnen een maand, Uitgeverij Lucht BV Utrecht, 2018.

Dag @MarathonRdam, volgend jaar ben ik er weer

april 9, 2018 by  
Filed under artikel, lopen

De marathon in Rotterdam 15 keer gelopen, gisteren zat ik thuis. Ik wilde wel, maar ik kon niet. Gewoon niet getraind, door eindeloze problemen met een voet. Ik heb Rotterdam wel eens vaker gelopen zonder echt te trainen, maar toen zat die marathon nog in mijn lijf. Ik was bang dat hij er nu niet meer in zat. 

Dat was nieuw. In 2000 liep ik mijn eerste marathon in Rotterdam. En daarna miste ik maar 4 keer. In 2005 liep ik Rotterdam niet omdat ik overtraind was. Dat was een kwestie van uitzitten. Daarna loop je weer een nieuwe marathon. In 2007 liep ik Rotterdam niet uit, omdat hij halverwege werd afgelast en mijn loopmaatje wit was. In 2009 liep ik Rotterdam niet, omdat ik een week later de 60 van Texel liep. [In 2005 liep ik Rotterdam nog 2 weken na Texel, als een herstelmarathon.] Dus allemaal goede redenen. Die reden was er nu niet. Ik had sinds de vorige marathon in 2017 gewoon niet getraind, door die voet.

Het is zo’n dag dat je terugkijkt, terwijl je eigenlijk vooruit moet kijken. Mijn eerste Rotterdam ging in 3:49. Na twee jaar was ik binnen de 3:30. Ook die herstelmarathon in 2005 ging in 3:27. Mijn record in Rotterdam is van 2008: 3:18. Alleen in Berlijn liep ik tweemaal harder. 

Daarna gaat het langzamer. Niet geleidelijk, maar met twee duidelijke sprongen. Het is moeilijk toe te geven, maar de tweemaal de Swissair Alpine lopen heeft mijn tempo geen goed gedaan. Bijna 80 km in de bergen hardlopen met een hoogteverschil van 2600 meter heeft mijn lichaam duidelijk geraakt. Of misschien wel al die trainingen van te voren. Maar zonder veel trainen kom je die bergen niet over. 

Na mijn eerste Swissair Alpine in 2010 heb ik Rotterdam nooit meer binnen de 3:30 gelopen. De beste tijd was 3:38 in 2012. En overal staat in mijn logboek dat er blessures waren en dat ik veel te weinig had getraind. Dat beeld versterkt zich na mijn tweede Swissair Alpine in 2013. Ik loop Rotterdam nooit meer binnen de 4:00. Vriend Michiel zei: “Wim, we hadden toch afgesproken dat we hem niet meer zouden lopen, als we meer dan 4 uur nodig hebben?” Maar ik kon hem niet missen. 

En nog steeds niet. Afgelopen zaterdag wandelde ik met hond 14 km, in 2:20. Ik weet dat dat 6 km/uur is en dat je in Rotterdam aan 8 km/uur genoeg hebt om op tijd binnen te komen. Het is wel driemaal zo ver. Zelfs op zondagmorgen om half 8 denk ik nog even: “Waarom geen gokje wagen, de buren willen wel op de hond passen?” Ik waag geen gok. 

Maar het schijnt dat ik mijn voet nu vooral moet trainen om hem weer in vorm te krijgen. Terwijl ik al die tijd niet train omdat die voet zo’n pijn doet. Fysiotherapie blijft een bijzonder vak. Dus nu eerst die voet trainen, dan mijn hele lijf trainen, dan 5 kg afvallen en dan loop ik hem volgend jaar Rotterdam weer binnen de 4:00. Rotterdam, ik kom eraan. 

De marathon als wijze van leven @MarathonRdam

april 10, 2016 by  
Filed under artikel, lopen

Ik was vanmiddag te gast bij de Rotterdam Running Ambassadors. Werkelijk te gast. Alleen maar aardige mensen, die zich allemaal kwamen voorstellen. Ik sprak daar een bijzondere man. Herman Wilton. Herman had de marathon van Rotterdam al 30 keer gelopen. Hij had veel last van artrose, onder andere aan zijn knieën. Toch zat hij klaar voor zijn 31e keer. Hij vertelde me dat hij altijd had gedacht dat hij marathons liep omdat ze zo goed pasten bij zijn wijze van leven. De gezonde leefwijze stond voorop, de marathons waren een middel. Maar intussen had hij vooral veel pijn bij het lopen. Zo gezond waren die marathons niet meer. En toch kon hij er niet afblijven. Hij moest en zou vanmiddag zijn 31e marathon van Rotterdam lopen. Hij kon niet zonder. Die marathon ging ver uit boven die gezonde leefwijze. Het bleek dat de marathon zijn wijze van leven was. En daar stop je niet mee vanwege een pijntje hier of een pijntje daar. Herman finishte later op de dag in 4:43, netto.

Afscheid van mijn teen

april 1, 2016 by  
Filed under artikel, lopen

Het einde is in zicht. Eindelijk. Ik heb er drie jaar tegen aan lopen hikken. Eigenlijk is het na de K78 van 2013 nooit meer helemaal goed gekomen. Beter gezegd: het was al niet goed toen ik die K78 liep. Vier maal naar de fysio in de voorafgaande week. Ingetapet 78 km lopen, met 2600 hoogtemeters. [Ik heb genoten.] En dat allemaal door die zweepslag. En die zweepslag kwam door die nieuwe schoenen. En die nieuwe schoenen had ik nodig vanwege die zere teen.

Zo draaide het leven een jaar of vier rond een zere teen. Meneer speelde op na een kilometer of tien. En meneer kreeg steeds weer nieuwe schoenen. Om meneer gunstig te stemmen. Met een paar van die nieuwe schoenen liep ik in 2014 de marathon van Amersfoort. Een beschadigde meniscus was het gevolg. Daarna liep ik in 2014  niet meer. In 2015 liep ik nog maar twee marathons. Die van Rotterdam met een voorbereiding van 12 dagen. Het ging. In Amsterdam liep ik in de kou en de regen net boven de 4 uur. Ja, met een opspelende teen.

Vanaf dat moment bereidde ik me voor op de marathon van Rotterdam op 10 april. Sommige weken gingen redelijk, andere weken sloeg ik de meeste trainingen over. Geen zin, vanwege de pijn. Of gewoon geen zin vanwege de regen. Of vanwege de kou. Of vanwege het donker. Mijn tolerantiegrens voor loopellende werd steeds gemakkelijker overschreden. Maar vorige week zat ik ouderwets op een schema van 5 trainingen. Een duurloop van 23 km, in keiharde wind in een kale polder. Zon, en ja, weer regen. En toen was het blijkbaar genoeg. Ik kreeg de schoenen niet meer aan.

Er is een belangrijke druppel die me nu, voor dit moment, heeft doen besluiten om die marathons verder te vergeten. Ik heb een nieuwe vriend. Beter gezegd een nieuwe liefde. Mijn fagot. We kennen elkaar al vele jaren. Maar we waren niet eerder zo onafscheidelijk. We studeren elke dag een paar uur. Hij gaat een paar keer per week op mijn rug met me mee. Gaan we lekker buiten spelen. In casu: in een bedompte kapel van een school, in een gymzaal in een wijkgebouw, in een concertzaal van een conservatorium. En om hem doe ik Alexandertechniek. Om nog meer één te zijn. En ja, hij vindt het niet fijn, al dat lopen. Het gaat niet alleen van zijn tijd af. Maar mijn lippen verliezen in die lange duurlopen ook de soepelheid waarop hij zo is gesteld. Dat wil ik hem niet langer aandoen.

Maar melancholisch is het wel. Wat waren de mooiste? Natuurlijk: die tweemaal Swiss Alpine, K78 te Davos. Elke meter kan ik nog steeds afspelen in mijn hoofd. Maar dat geldt ook voor die twee Zestig’s van Texel. De eerste keer in de regen, de tweede keer in de warme zon. En die vijfmaal Berlijn, met dat PR in 2009 [3:13:56]. En die 13 keer Rotterdam. Ja 13. Bijgelovig ben ik niet. Als ik eerlijk ben: vanaf die eerste marathon in 2000 in Rotterdam heb ik 10 jaar heerlijk gelopen. Afgezien van een langdurige overtraindheid in 2005 en 2006. Daarna is het verval erin geslopen. En nu is het einde daar. Het einde van al die schema’s, van al die punten, van al die kilometers, van al die trainingen. Van loopgek naar fagotverliefd. Tenzij.

En nu vermengt de pijn van de teen zich met de pijn van het afscheid.

Maar ik heb genoten! Ik raad het iedereen aan. Koop een paar goede schoenen. Koop een paar broekjes, een regenjackje. Die shirtjes krijg je wel bij de marathons. En ga lopen!

De hallux valgus die geen hallux valgus was

april 25, 2015 by  
Filed under artikel, lopen

Voor mijn website gebruik ik het programma WordPress. Het programma geeft me inzicht in mijn bezoek. Hoeveel mensen komen op mijn site en wat lezen ze? Het programma geeft ook een klein inzicht in de zoektermen van de mensen die mijn site bereiken. Soms staat er ‘blog wim derksen’. Dat zijn de gesprekken bij de koffie-automaat. “Heb jij die blog al gelezen”. Dat stemt natuurlijk blij.

Maar veel vaker staat er ‘hallux vulgas’. Ja, het lijkt alsof mijn site vooral wordt bezocht door mensen die meer willen weten van de hallux valgus, de krom-staande teen, waarover ik ooit een blog schreef. Je kan het een teleurstelling noemen, het is op zijn minst een relativering.

Dat geldt te meer daar ik geen hallux valgus heb, terwijl mijn blog het tegendeel beweert. Ja, er waren artsen die beweerden dat ik een hallux valgus had. Ja, ik had ook last van mijn teen bij het hardlopen. Maar die teen was vooral ontstoken. Na jarenlang trainen in de verdrukking geraakt in de schoen. Eerst een jaar een doof gevoel, toen een jaar af en toe pijnlijke steken en toen een jaar pijn bij het lopen, elke dag. De teen was gewoon overbelast. Niks dus hallux valgus.

Ik schrijf dit nog maar eens voor al die mensen die op mijn site het antwoord voor al hun kwalen denken te vinden. Ik ben overigens best bereid om te vertellen wat ik heb gedaan om mijn overbelaste voet en mijn ontstoken teen te ontlasten. Ik ben eerst op minimalistische schoenen gaan lopen. Ze waren zo minimalistisch dat ze inmiddels uit de handel zijn genomen. Mijn voet raakte op geen enkele manier bekneld en van pijn had ik in deze schoenen dan ook nooit last. Wel kreeg ik regelmatig een zweepslag, vanwege het ontbreken van een hak. Die zweepslagen zijn vervelender dan een ontstoken teen. Daarna ben ik overgestapt op vederlichte schoenen, met heel weinig steun. Ik liep er een marathon op en beschadigde mijn meniscus. Het kostte een half jaar herstel.

Tegenwoordig doe ik wat veel oudere mensen doen die last hebben van een hallux valgus: ik koop mijn loopschoenen één maat te groot. Dat helpt tegen mijn ontstoken teen. Maar ik heb dus geen hallux valgus. Wat ook helpt: een tijd minder trainen. Dat vindt zo’n teen ook erg lekker. En ten slotte: de dagelijkse schoenen zijn waarschijnlijk nog belangrijker dan de loopschoenen. Wie de hele dag zijn tenen afknelt, krijgt als hardloper ongetwijfeld last.

En daarmee hoop ik al die mensen die zich op mijn site melden met een hallux valgus toch een beetje te hebben geholpen op basis van een andere kwaal. Ach, het effect van al die kwalen zal wel niet zoveel verschillen.

Verslaafd aan @MarathonRdam

april 12, 2015 by  
Filed under Geen categorie, lopen

Ook vorig jaar had ik weinig getraind voor de marathon van Rotterdam. Ik had een startbewijs, maar had al lang besloten om mijn favoriete marathon dit jaar aan me voorbij te laten gaan. Bij toeval moest ik de vrijdag voor de marathon in Rotterdam zijn. Ik zag de borden en de hekken en was weer verkocht. Ik reed nog terug naar Den Haag om mijn spullen op te halen. Het werd een heerlijke loop, in 4.12.

De voorbereiding kon nog beroerder. Na die 4.12 deed ik weinig tot niets. Onder druk van een afspraak toch maar de marathon van Amersfoort gelopen in juni 2014. In 4.10. Maar na afloop was mijn meniscus zwaar beschadigd. Ik kwam een half jaar op de tafel bij de fysiotherapie. En toen alles grotendeels voorbij was, had ik geen zin meer. Geen zin. Ik had genoeg gelopen met pijn in mijn rechtervoet, met pijn in mijn linkerknie, met zweepslagen en al dat andere ongemak. Ik had de K78 in juli 2013 volbracht en was nog steeds toe aan rust. Een mentale blessure nam het van de fysieke over. Natuurlijk had ik me voor de zekerheid wel ingeschreven, zoals ik me ook al maanden geleden had ingeschreven voor de Zestig van Texel op Tweede Paasdag. Texel ging voorbij. En Rotterdam leek eenzelfde lot beschoren.

Totdat mijn fysiotherapeute enigszins spottend vroeg of ik Rotterdam nog zou lopen. Ik mompelde iets van ontkenning. “Als je hem start, loop je hem wel uit.” Ik mompelde nog iets van mindere ontkenning.

De volgende dag had ik mijn trainingsschema klaar. Dinsdag 7 km, donderdag 9, zaterdag 13 en maandag 20. Daarna 6 dagen afbouwen tot de marathon. Elke mislukte training zou het einde van de plannen zijn. Ik strompelde heel wat af, maar ik ging wel razendsnel vooruit. Tijdens de trainingen liep ik steeds 4 minuten hard en wisselde dat af met 1 minuut wandelen. Alles lukte. Er waren dus geen redenen meer om Rotterdam niet te lopen.

Ik geef het toe: het is een bizarre voorbereiding. Maar als je 20 km kan lopen in 2 uur, moet je aan 5,5 uur toch echt genoeg hebben voor die 42. En er lonkt wel een spannende marathon. Vroeger liep ik ze als trainingsmarathon, voor nog grotere of snellere loopjes. Nu is het weer een echte marathon. Hij doet me denken aan die eerste keer. Met Bert en met Huib en met Leo. Ach, en zenuwachtig ben ik altijd.

Er is wel één verschil. Toen was het mijn eerste marathon, nu mijn 46e. En toen was ik nog niet verslaafd aan het lopen. Had nog geen boek geschreven onder de titel Loopgek. Want als ik eerlijk ben: het heeft iets van die ene sigaret. Die je plotseling wordt aangeboden en die onweerstaanbaar is.

We zullen zien. Schreef ik op de avond voor de marathon.

En we hebben gezien. Wie geen loper is kan beter stoppen met lezen. Onderstaande is slechts de eufore tekst van een eufore loopgek. Piet loodste me binnen bij Nationale Nederlanden. Zijn club heeft daar altijd gastvrijheid. Verschillende lopers bleek ik te kennen. Beetje kletsen, beetje wc, beetje verkleden, en weer kletsen. Daarna naar de start. De spanning. Het bekende geluid van de heli’s. Het geluid van de spreekstalmeester, wiens tekst altijd aan je voorbij gaat. Nog een flesje drinken in het startvak. En je laatste plas terugdoen in hetzelfde flesje. Het startschot van de burgemeester, als inleiding op die fantastische startmuziek van Rotterdam. Weg op een schema van 6’ lopen en 1’ wandelen. Het leidt tot allerlei sportieve reacties van medelopers, die me na 1 km al van alles aanbieden. Het weer is geweldig. Goede temperatuur, veel zon en dus veel publiek. Ik heb het in Rotterdam nog nooit zo druk gezien. Eten en drinken gaan onderweg zonder problemen. Ik plas twee keer en poep eenmaal. En de organisatie is perfect. Ik kom terecht op een schema van 30’ per 5 km. Op de terugweg wandel ik de Erasmusbrug op. Ik wandel in de tunnel op de Blaak, en ik sta een tijd te praten met Arda op 37 km. Daarna wordt het nog even zwaar. De benen zijn stijf. Maar de geest is helder, en dat is wel eens anders bij het 40-km-punt. Na 4.26.34 bereik ik de finish. Ik stuiter nog een tijdje in het finishvak. We feliciteren elkaar, we omhelzen elkaar, mannen die elkaar nog nooit eerder hebben gezien. Het fantastische moment om Arda en Bas weer te zien. We lopen weer naar Nationale Nederlanden. Nog meer bekenden. En allemaal zijn we vandaag vrienden.

Het was mijn 46e marathon, het was mijn 13e in Rotterdam. Onderweg geniet ik vooral. En als ik denk dan realiseer ik me dat straks alles kapot en over kan zijn. Maar dat ik mijn marathonloopbaan dan wel heb beëindigd met mijn mooiste marathon.

Maar alles is niet kapot. Niets is kapot. Dit jaar toch maar proberen die 50 marathons vol te maken.

Interview Hoogtelijn

april 5, 2014 by  
Filed under lopen

In het eerste nummer van Hoogtelijn van 2014 staat een uitgebreid interview met mij over het lopen van de K78 in 2013. Ik laat commentaar achterwege. In ieder geval hoort het interview op mijn website. Lees hier verder.

Volgende pagina »