We wonen in een beschaafde straat. Zeg maar D66, met de bijsmaak van PRO en VVD. Vorig jaar stelde een buurvrouw in de (onvermijdelijke) straat-app voor om voortaan zelf de perkjes rondom de bomen in de straat te gaan bijhouden. Formeel gaat het om boomspiegels, maar ik hou het voor het gemak maar even op boomperkjes. Tot dat app-je kwamen zo af en toe een paar mannen van de plantsoenendienst om onze perkjes te schoffelen. Maar nu doen we het zelf. Iedereen is verantwoordelijk voor het perkje voor zijn eigen huis.
Nee, natuurlijk, dat gaat niet zo maar. Je moet de gemeente toestemming vragen om zelf je boomperken te mogen onderhouden. Die toestemming hebben we gekregen. En vorige week kreeg elk perk zelfs een eigen trottoirtegel met daarop de tekst: ‘Beheerd door bewoners.’ Tot dat moment was het alleen maar leuk, maar nu werd het serieus! Mijn hoofd stelde plotseling allerlei vragen.
Laat ik beginnen met een goed-oud-hollandse vraag: wat gaat dat kosten? Die tegels moeten apart worden gebakken en iemand heeft een ontwerp moeten maken. Mannen in werkpakken zijn een middag bezig geweest om de tegels te plaatsen. De oude tegels moesten worden afgevoerd. En dit ging natuurlijk niet zo maar. Daar is over vergaderd, er is beleid gemaakt voor boomspiegels en er is ongetwijfeld een boomspiegelbeleidsplan geschreven. Was het niet handiger (en in ieder geval goedkoper) geweest als de mannen van de plantsoenendienst voortaan zelf hadden besloten of er wel of niet moest worden geschoffeld? Ik neem aan dat ze kunnen zien of een perk is onderhouden.
Hoe sympathiek het plan ook klinkt, ik heb nog meer vragen. Wat gebeurt er bijvoorbeeld als een bewoner er na een tijdje wel genoeg van heeft en zijn eigen perk niet meer onderhoudt? Gaat de gemeente het dan weer zelf doen? Maar er ligt intussen wel een tegel waarop staat dat dit perk door de bewoners wordt beheerd. Dus dat kan niet zo maar. Maar als de buurman het niet doet en de gemeente het ook niet doet, bij wie kan ik dan klagen? Of misschien wel een bezwaarschrift indienen? Het eerste jaar is misschien leuk, maar ik zie dat de animo in het tweede jaar in mijn straat al is gedaald. Net nu elk perk zo’n mooie tegel heeft gekregen!
Je vraagt je af, waarom laat de gemeente zich hiermee in? Ik hoor het woord nooit meer, maar een decennium geleden spraken we vaak over de doe-democratie. Ik denk dat dat woord intussen ook bij mijn gemeente is geland. De burger moet je niet alleen een rood potlood geven, maar ook het recht om zijn eigen leefomgeving te bepalen. En daaraan zelf een actieve bijdrage te leveren. Dat was de kern van de doe-democratie. En daarom hebben wij nu, vrees ik, al die trottoirtegels in de straat met als boodschap ‘beheerd door de bewoners.’
Ik geef toe dat de democratie in gevaar is. Het is goed om alert te zijn. En om de democratie te verdedigen en te versterken. Maar zouden er echt mensen zijn die denken dat je met het beheer van boomspiegels de democratie verdedigt tegen de populisten van PVV en BBB en tegen de fascisten van Forum voor Democratie en Trump? Misschien wordt het weer tijd voor een ‘kerntaken-discussie’ bij gemeenten. Waar kan een gemeente echt het verschil maken?
[Abonneer je via de homepage op mijn blogs, als je op de hoogte wilt worden gehouden.]
Ha Wim, grappig om te lezen, ik vroeg me al af wat dat precies was met die tegels. Overigens: mooi vind ik het niet, deze tegels :-).